De prenten van Antonius Sanderus (17e eeuw)
MENU
Terug naar HOMEPAGINA
Terug naar INHOUDSOPGAVE
ZILLEBEKE - KASTEEL VAN DROOGENDALE EN VIJVER VAN ZILLEBEKE
(Antonius Sanderus – Flandria Illustrata 1641)
Op deze prenten van Sanderus is het Kasteel van Droogendale te zien en de Vijver van Zillebeke. Ook op de prent van de vijver is rechts het kasteel te zien.
Zillebeke is een dorp in de provincie West-Vlaanderen.
Bij de gemeentelijke herindeling in 1971 werden Hollebeke en Voormezele aan Zillebeke toegevoegd. Sinds 1977 is Zillebeke een deelgemeente van de stad Ieper.
Kasteel van Droogendale
Vaak kan men al snel informatie terugvinden over de geschiedenis van de plaatsen en gebouwen die op de prenten van Sanderus te zien zijn, maar in het geval van het Kasteel van Droogendale konden we slechts weinig info terugvinden.
We weten wel dat er zich, ongeveer op de plaats waar het Kasteel van Droogendale stond, thans de zogenaamde “Hoeve Drogendale” bevindt, langs de Blauwepoortstraat.
Het Kasteel van Droogendale bevond zich waarschijnlijk binnen een omwalling met een vierkante vorm die zich achter de huidige gebouwen bevond van de Hoeve Drogendale. Deze omwalling is nog aangeduid in de Atlas der Buurtwegen (1841). Op de prent is deze omwalling niet getekend, maar op een prent van de Kasselrij Ieper staat het Kasteel van Droogendale wel als een omwald kasteel getekend.
De naam “Drogendale” van de hoeve zou verwijzen naar dit verdwenen kasteel.
De hoeve is gelegen ten zuiden van de Vijver van Zillebeke.
Men vermoedt dat de hoeve in de loop van de 19e eeuw werd gebouwd.
De hoeve werd waarschijnlijk in de Eerste Wereldoorlog vernield en in 1922 heropgebouwd. De hoeve bestaat uit een boerenhuis, een stalvleugel en een schuur.
Het is niet duidelijk wie de eigenaar/bewoner was van het verdwenen Kasteel van Zillebeke.
In de onmiddellijke omgeving van het kasteel stond eertijds een molen, namelijk de Molen van Zillebeke, ook bekend als “De Verbrande Molen”.
Deze molen is ook te zien op de prenten van Sanderus, meerbepaald op de prent van de Kasselrij Ieper en op de prent van de Vijver van Zillebeke.
De Verbrande Molen, die zijn naam gaf aan het klein gehucht in Zillebeke, was een houten korenwindmolen die zich bevond aan de zuidwestzijde van de Komenseweg, op de hoek met de Verbrandemolenstraat.
De standaardmolen dankte zelf zijn benaming aan een brand. De molen viel verschillende keren ten prooi aan de vlammen. In de 16e eeuw was er sprake van een Sillebeecke Meulen. Na de verwoesting tijdens de godsdienstoorlog rond 1580, werd hij voor 1610 herbouwd. In de zomer van 1770 werd de molen door de bliksem getroffen en brandde hij volledig af. In 1773 was hij weer hersteld.
Tijdens de eerste slag om Ieper werd de molen in 1914 door de Duitsers met granaten bestookt en viel hij opnieuw ten prooi aan de vlammen. De molen was in een bouwvallige toestand tot hij in 1916 werd gesloopt.
Na de oorlog, in 1924, kocht de molenaarsfamilie de Lindemolen van Alveringem aan en die werd overgebracht naar de oude molenwal in Zillebeke, waar hij terug opgebouwd werd. Ook deze keer was deze nieuwe “Verbrande Molen” geen lang leven gegund, want in 1940 werd hij andermaal door artillerievuur bestookt en vatte vuur. De molen had zijn naam werkelijk niet gestolen. Hij werd niet meer heropgericht, maar de wijk waar de molen stond heet nog altijd de Verbrande Molen(wijk).
We weten dat de eigenaar van de molen in 1776 de Franse graaf d'Hinnisdael, heer van het hof van Zillebeke en Ferfay was.
De geringe afstand van het kasteel en de molen doet ons veronderstellen dat deze heer van Zillebeke ook de eigenaar en bewoner was van het Kasteel van Zillebeke.
Het blijft voorlopig een veronderstelling.
De Britse soldaten benoemden de toen nog intacte Hoeve Drogendale in het begin van de Eerste Wereldoorlog “Manor Farm”. “Manor Farm” betekent 'Heerlijkheid'. De heerlijkheid Zillebeke hing steeds af van het hof van Ieper.
Vijver van Zillebeke
Vele eeuwen geleden was de Vijver van Zillebeke niets meer dan een onherbergzame moerassige laagvlakte waar vooral tijdens de winter een grote hoeveelheid water voorhanden was. Doorheen dit natte gebied kronkelde zich de Zillebeek en toen in 1294 op de noordwestelijke rand van het moeras een dijk werd opgeworpen bleef het water, mede door de toevoer van de Zillebeek, er tijdens het ganse jaar staan.
De Vijver van Zillebeke is dus op natuurlijke wijze ontstaan maar door de tussenkomst van de mens kon het water er bewaard blijven en is hij geworden wat hij vandaag de dag nog is.
In de 13e eeuw werden rond de stad Ieper vijvers aangelegd voor drinkwater, de lakennijverheid en het voeden van de stadsgrachten.
In 1217 werden zo 5 vijvers vermeld, waaraan later nog aanpassingen gebeurden. Door afdamming van de vallei van de Zillebeek werd de Vijver van Zillebeke gevormd, die circa 1295 zijn huidige vorm kreeg. Naast deze vijver zijn ook nog de Dikkebusvijver en Bellewaerdevijver bewaard gebleven.
Een belangrijke datum in de geschiedenis van de vijver is het jaar 1800. In dat jaar werd hij uitgediept en grondig gereinigd. Het slijk werd noordwaarts op de aanpalende velden en weiden uitgestort, zodat deze gebieden aanzienlijk hoger kwamen te liggen, feit dat wij op vandaag nog kunnen vaststellen.
Een tweede belangrijke datum situeert zich omstreeks 1908-1909. Toen werden oost- en zuidoostwaarts dijken gelegd en nabij Zillebekedorp een sluis gebouwd om de watertoevoer van de Zillebeek onder controle te houden. Bij hevige dooi en andere winterse stortvloeden kan het overtollige water in de omringende meersen geloosd worden. In geval van nood wordt het water verder afgelaten in de ‘verdronken weiden’ en van daaruit in de Ieperlee, langs de vestinggrachten van de stad.
Vandaag de dag is de rol van de sluis niet meer zo uitgesproken omdat de watertoevoer ingevolge allerlei omstandigheden fel verminderd is. Toch is de sluis nodig om te voorkomen dat de Vijverbeek uit haar oevers treedt en het laag gedeelte van de dorpsplaats overstroomt.
Met de omliggende dijken en meersen is de vijver nog steeds eigendom van de stad leper. Het water ervan wordt van uit het pomp- en filtreerstation naar de watertoren van de Meenseweg gestuwd om te voorzien in de drinkwaterbevoorrading van de stadsbevolking.
In 1996 besloot het Ieperse stadsbestuur een nieuw drinkwaterproductiecentrum te bouwen in de buurt van de Verdronken Weide en de Vijver van Zillebeke. Deze nieuwe, volledig computergestuurde, drinkwaterinstallatie werd in dienst genomen in 1999 en heeft een productiecapaciteit van 6.000 m³/dag.
Tevens is de Vijver van Zillebeke een fraai natuurlandschap dat graag wordt gebruikt voor recreatie.
(Bronvermelding: de tekst over de Vijver van Zillebeke is gedeeltelijk gebaseerd op “Zillebeke – verdoken dorp in de glooiingen van de natuur” van Joël Vandemaele & Germain Coudron’ – 1974; de tekst over de molen is gebaseerd op de tekst over deze molen in Molenechos.org; Onroerenderfgoed.be; Wikipedia.be; Dewatergroep.be)