De prenten van Antonius Sanderus (17e eeuw)
MENU
Terug naar HOMEPAGINA
Terug naar INHOUDSOPGAVE
GENT - KOUTER
(Antonius Sanderus – Flandria Illustrata 1641)
Op deze prent van Sanderus is de Kouter te zien in Gent, omstreeks 1640.
De Kouter is een plein in het centrum van de Oost-Vlaamse stad Gent. Oudere benamingen voor dit plein zijn Paardenmarkt (“Hippodromus”) en Place d'Armes. Het plein werd van oudsher niet alleen gebruikt voor allerlei festiviteiten, maar ook voor volksvergaderingen in de stad.
De zuidkant bleef lange tijd onbebouwd tot de Sint-Sebastiaansgilde zich daar in de 16e eeuw vestigde en in het midden van het plein hun schietbaan aanlegde (gesloopt in 1795). Hun complex werd in het eerste kwart van de 20e eeuw vervangen door verschillende drankgelegenheden die op hun beurt gesloopt werden.
De Kouter is thans een rechthoekig, beboomd plein gekenmerkt door enkele 19e-eeuwse gebouwen, vooral gedomineerd door belangrijke bankinstellingen in classicistische stijl uit de 20e eeuw en een agressieve nieuwbouw. Op het plein bevindt zich een laat-19e-eeuwse, gietijzeren kiosk.
Sinds 1772 wordt er op zondag een bloemenmarkt gehouden. Jaarlijks gaat hier tijdens de Gentse Feesten het Bal 1900 door.
In 1997-1998 werd een ondergrondse parkeergarage gebouwd onder het plein van de Kouter. Bovengronds zijn er fietsenstallingen.
Na de bouw van de ondergrondse parkeergarage werd het gehele plein grondig gerestaureerd.
Helemaal bovenaan op deze prent is op de achtergrond de zogenaamde Wolweverskapel te zien. Deze kapel maakte deel uit van het Godshuis van de wolwevers, een opvanghuis voor oude en zieke wevers. De wolwevers beschikten in Gent over veel grondeigendommen.
De kapel, die in gotische stijl werd opgetrokken, dateert uit de 14e eeuw en stond ten dienste van de gilde van de wolwevers. Het gebouw was toegewijd aan de Heilige Leonardus. De exacte stichtingsdatum is niet gekend, maar de eerste vermelding van de Wolweverskapel duikt op in 1372. Hiervan zijn echter alleen de kapel en het rechthoekig gebouwtje achter de kapel (het
calefactorium
ofwel de keuken) bewaard gebleven.
Het gehele dak en de klokkentoren werden gerestaureerd in 1710.
De teloorgang van de Wolweverskapel kwam er in 1796, toen de goederen van de wolwevers overgedragen werden aan de Commissie van Burgerlijke Godshuizen (het latere OCMW).
Vanaf de vroege 19e eeuw werd de Wolweverskapel gebruikt voor geheel andere toepassingen: verkoopzaal, vleeshal, theater, brasserie-cinema-concertzaal en cinema.
Toen de Wolweverskapel in 1999 werd verkocht, was het oorspronkelijke interieur door de ingrijpende veranderingen van vorige herbestemmingen onherkenbaar geworden. Aangezien de kapel in een commerciële zone ligt, werd beslist om een winkel in de kapel te herbergen. Een restauratie in 2001-2002 herstelde de gevels en daken, waardoor de kapelruimte weer vrij kwam te liggen. De kapel is wel niet zichtbaar van langs de straatzjde, maar zit verscholen achter de voorgevel van de winkel.
(Bronvermelding: Wikipedia; Onroerenderfgoed.be)