De prenten van Antonius Sanderus (17e eeuw)




GEMBLOERS - ABDIJ


(Antonius Sanderus – Chorographia Sacra Brabantiae 1659 - Herwerkte editie 1726-1727)




Op deze prent van Sanderus is de herwerkte versie te zien van een prent van de Abdij van Gembloers.

Deze prent werd gepubliceerd in de heruitgave in 1726-1727 van de Chorographia Sacra Brabantiae van Sanderus (1659).

De Abdij van Gembloers was een benedictijnerabdij in de buurt van de stad Gembloers (Gembloux) in de provincie Namen.

Ze werd rond 940 gesticht door ridder Wicbertus (later Saint-Guibert genoemd).

De abdij was gewijd aan de heiligen Petrus en Exuperius. De abdij vormt een goed bewaard geheel dat de stad overheerst. Ze bestaat uit een kerk, een vrijstaande klokkentoren (het Belfort van Gembloers), een klooster en monnikenkwartier, het abtenpaleis en een landbouwcomplex met neerhof.

Onder Olbert van Gembloers omtwikkelde de abdij zich circa 983 voorspoedig. Ze onderhield een abdijschool en de kloosterbibliotheek was beroemd in heel Europa. In de 16e en 17e eeuw werd de abdij regelmatig belegerd en geplunderd.

In de tweede helft van de 18e eeuw volgde een grote vernieuwing, met de heropbouw van de abdijgebouwen. 

De huidige Saint-Guibertkerk is gegroeid uit de oude abdijkerk. Het huidige gebouw werd herbouwd tussen 1762 en 1779, nadat een brand in 1678 niet alleen de abdij maar ook de stad had vernield.

Nadat de Franse revolutie een einde maakte aan de kloosterordes, werd de abdij in 1797 verkocht.

De abdijkerk werd in 1812 parochiekerk en verving de oude parochiekerk die gelegen was in de rue des Abbés Comtes.

Oorspronkelijk had het gebouw een grondplan in kruisvorm, maar het werd vergroot en hoger gemaakt tussen 1885 en
1886 zodat er een echt kerkschip ontstond.

De kerk werd gebouwd met baksteen en natuursteen en heeft een onderbouw in kalksteen. Het kerkschip telt drie traveeën, het transept is uitspringend en het koor heeft een platte kooromgang. De gevel heeft een rondboogportaal dat nog dateert van de eerste constructie. Het is voorzien van een sluitsteen met bloemen en een driehoekig fronton.
In het koor staan nog steeds de stoelen van de monniken.

De vrijstaande klokkentoren (Belfort) is een overblijfsel van een voormalige abdijkerk, de Sint-Sauveurkerk. De onderbouw van de toren maakte mogelijk nog onderdeel uit van de adellijke familie van Saint-Guibert. Oorspronkelijk had de kerk een eenvoudige structuur, met een enkele toren en schip. De toren werd ook gebruikt als wachttoren en voor defensiedoeleinden, vandaar de naam klokkentoren, die al in 1486 werd vermeld. Na verloop van tijd werd de toren geleidelijk verhoogd tot zijn hduige hoogte.

In 1810 werd de Sint-Sauveurkerk verlaten vanwege de vervallen staat en verkocht voor de sloop. De toren bleef echter behouden en werd de klokkentoren (belfort). In 1889 werd een nieuwe bakstenen bekleding toegevoegd, waardoor het onderste deel van de structuur werd vernieuwd. In 1905 verwoestte een brand de klokkentoren en in 1907 werd deze vervangen door een nieuwe klokkentoren met een bolvormig rpofiel, als opvolger van de oude spitsvormige klokkentoren.

Vandaag horen de voormalige kloostergebouwen toe aan de Landbouwfaculteit van Gembloux (Universiteit van Luik – Gembloux Agro-bio Tech).

De binnenzijde van het kloostercomplex is intussen vernieuwd en bevat nog maar weinig authentieke elementen.

(Bronvermelding: Wikipedia)