De prenten van Antonius Sanderus (17e eeuw)




BRUGGE - BURG


(Antonius Sanderus – Flandria Illustrata 1641)





De Burg is een plein en voormalige vesting in Brugge (provincie West-Vlaanderen).

De site behoort tot de oudste kern van de stad. Oorspronkelijk was het een omwalde burcht voorzien van toegangspoorten. Hij was gelegen op het knooppunt van de mogelijk Romeinse weg Oudenburg-Aardenburg en de Reie.

De burcht had een oppervlakte van circa 1 ha. Graaf Arnulf I (889-965) bouwde de Brugse burcht uit tot een machtscentrum met keizerlijke allures, een gebied van 1,5 ha. Van de 11de tot het einde van de 13de eeuw bevond zich aan de westzijde van het plein een van de residenties van de graven van Vlaanderen, Het Steen.

Binnen de versterking werd in het noorden de burchtkerk opgetrokken, toegewijd aan Onze-Lieve-Vrouw en Sint-Donaas. Later werd het bijhorend kapittel van kanunniken gesticht. Hieraan ontleende de burcht zijn tweeledige functie: de zuidelijke helft had een civiele functie en de noordelijke helft een kerkelijke.

Toen Brugge in 1559 een bisdom werd, werd de Sint-Donaaskerk een kathedraal.

Het huidige plein wordt omringd door verschillende historische gebouwen, zoals het vroegere Landhuis van het Brugse Vrije, de voormalige Civiele Griffie, het stadhuis, de Basiliek van het Heilig Bloed en Sint-Basiliuskapel en de voormalige Sint-Donaasproosdij.

Het linkergedeelte op de prent stelt de gebouwen voor van het Leenhof en het Landhuis van het Brugse Vrije. In het midden van links naar rechts, de griffie, het stadhuis en de Heilig-Bloedkapel. Het rechtergedeelte is ingenomen door de steiger van de kapel, de criminele griffie en vier houten spitsgevels.

De beeldengalerij van het stadhuis is niet volledig. De bovenste rij bestaat uit lege nissen.

De gebouwen worden numeriek aangeduid en met hun Latijnse naam benoemd.

In het lijstje middenvoor komt de benaming Curia meermaals voor. Het Latijnse woord Curia verwijst zowel naar een vergadering als naar het gebouw waar die gehouden wordt. We denken hierbij aan vergaderplaatsen voor magistraten of religieuze verenigingen.

Op nr. 5 lezen we Aedicula of kapel in het Latijn, en op nummer 8 Domus excubiarum urbis, wat zoveel betekent als huis van de schildwacht of bewaker van de stad.

Op nrs. 9 en 10 wordt er gesproken van Iuris dictio, m.a.w. jurisdictie of rechtspraak.

Op nr. 11 staat Carcer Urbis et agri Brugensis. Hier bevond zich de gevangenis van Brugge en omliggend agrarisch gebied.

In de kelders van het Crowne Plaza Hotel is een deel van de fundamenten van de in 1799 afgebroken Sint-Donaaskathedraal te bezichtigen.

Sinds de sloop van de kathedraal is het plein zowat verdubbeld in oppervlakte tot circa 1,1 hectare, en daarmee groter dan de Grote Markt. Het blijft echter opgesplitst in twee herkenbare op elkaar aansluitende delen.

Tussen de Burg en de Philipstockstraat loopt een korte straat, die Burgstraat heet.

De Burg is vandaag – naast een favoriet decor voor verschillende voorstellingen en optredens – een belangrijke toeristische trekpleister.

(Bronvermelding : Wikipedia)