De prenten van Antonius Sanderus (17e eeuw)




ANTWERPEN - MINDERBROEDERSKLOOSTER


(Antonius Sanderus – Chorographia Sacra Brabantiae 1659 - Herwerkte editie 1726-1727)




Op deze prent van Sanderus is de herwerkte versie te zien van een prent van het Minderbroedersklooster in Antwerpen.

Deze prent werd gepubliceerd in de heruitgave in 1726-1727 van de Chorographia Sacra Brabantiae van Sanderus (1659).

Het Klooster van de minderbroeders was een klooster in de Mutsaardstraat in Antwerpen (provincie Antwerpen), waarvan de kloosterlingen behoorden tot de orde der minderbroeders of franciscanen. Het klooster werd opgericht in 1451 en werd opgeheven in de Franse periode in 1797. In de gebouwen van dit voormalig klooster is sinds 1810 de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Antwerpen gevestigd.

Van de oorspronkelijke gebouwen blijven slechts enkele fragmenten over. De Minderbroedersstraat en Minderbroedersrui zijn vernoemd naar het klooster. Ook de Blindestraat verwijst naar een (verdwenen) blinde muur van dit klooster.

De volgelingen van de orde van Franciscus van Assisi ontvingen in 1451 vanwege de Antwerpse stadsmagistraat een stadseigendom, 'Het Raemvelt' én gronden van verschillende weldoeners, waarop een kerk en kerkhof werden gebouwd.

Hertog Filips de Goede gaf de minderbroeders vrijstelling van alle accijnsrechten en belastingen.

Het klooster en de kerk werden in brand gestoken door de calvinisten in 1566 en 1567.

Na de terugkeer van de minderbroeders werden deze heropgebouwd.

In 1797 werd het klooster door de Fransen opgeheven en werden de kunstschatten geroofd.

Napoleon Bonaparte droeg de leegstaande kloostergebouwen in 1809 over aan de Stad Antwerpen met de opdracht er een academie en museum voor schone kunsten in onder te brengen.

Het jaar daarop verhuisde de Academie van het oude beursgebouw, waar de Academie sinds 1664 gehuisvest was, naar het complex waar ze vandaag nog altijd is gevestigd.

Het betrof de kloosterkerk, de west-, noordvleugel en binnentuin van het kloosterpand.

Het Bureel van Weldadigheid van Antwerpen vestigde zich in de zuid- en oostvleugel van het kloosterpand en de infirmerie in de Blindestraat.

De kerk van het klooster werd verbouwd tot museum en er werd een klassieke gevel met ionische zuilen en een fronton voor geplaatst. Het kerkhof van de minderbroeders fungeert thans als tuin van de Academie.

Van de 17de-eeuwse kloostergebouwen resten vandaag slecht het koor van de kerk, een aanpalende vleugel die uitmondt aan de Stadswaag, en delen van het kloosterpand met de overwelfde pandgang, alle sterk verbouwd. In de gebouwen van de huidige academie zijn nog steeds de fraaie gotische gewelven van de kloostergang te bewonderen.

Vanaf de vroege 19ee eeuw werd het kloostercomplex aan de nieuwe functie aangepast, en vervolgens geleidelijk uitgebreid met nieuwe gebouwen, een evolutie die zich doorzette tot het derde kwart van de 20ste eeuw.

(Bronvermelding: Onroerenderfgoed.be; Wikipedia)