Sint-Eloois-Vijve
 
Sint-Eloois-Vijve  (1813)






Op deze tekening van Séraphin Vermote van 1813 is de Sint-Elooiskerk te zien in Sint-Eloois-Vijve, thans een deelgemeente van de stad Waregem in de provincie West-Vlaanderen.

De kerk bestaat nu nog en is gelegen op het Sint-Elooisplein.

De oorspronkelijke kerk werd opgebouwd uit een eind 12e- of begin 13e-eeuwse romaanse toren.

Deze kerk was al vrij vroeg bekend als bedevaartsoord en werd gesticht ter ere van Sint-Elooi en Sint-Vincentius.

Historici situeren de eerste kerk reeds in de 10e eeuw gelet op het belang van Sint-Eloois-Vijve in die periode en op de aanwezigheid van een burcht.

Deze burcht op de Leie was in elk geval reeds op het einde van de 10de eeuw een steunpunt van Graaf Boudewijn IV in zijn strijd tegen het opstandige Kortrijk.

St.-Eloois-Vijve was eeuwen het snijpunt van belangrijke wegen: de Romeinse heirbanen Kassel-Tongeren en Bavai-Oudenburg kruisten elkaar op haar grondgebied. In de Middeleeuwen won het nog aan belang door de ligging halfweg tussen de steden Rijsel en Gent.

Reeds in 1119 was Sint-Eloois-Vijve een parochie. Het oorspronkelijke dorpskerkje werd op het einde van de 12e of in het begin van de 13e eeuw vervangen door een vroeg-gotische, eenbeukige zaalkerk met transept en apsis.

Een oorkonde uit 1289 leert dat Ingelmunster en St.-Eloois-Vijve (Vijve-Dendermonds) dezelfde dorpsheer hadden, die evenwel in zijn kasteel in Ingelmunster verbleef. Zowel Ingelmunster als Sint-Eloois-Vijve hingen feodaal af van het grafelijk hof van Dendermonde. Deze toestand bleef bestaan tot aan de Franse Revolutie.

In de 14e of 15e eeuw werd de kerk voorzien van een ruim koor.

In 1532 of 1533 brandde de kerk af. Naar verluidt werd het koor ernstig beschadigd en ging het kerkmeubilair volledig verloren. In de periode tot 1560 werd de kerk herbouwd tot een tweebeukig gebouw.

Het vermoeden bestaat dat de kerk werd beschadigd tijdens de Beeldenstorm van 1566.

Bij gevechten omstreeks 1580 werd de kerk zo grondig verwoest door de Geuzen dat enkel de toren overbleef; de hele inboedel werd vernietigd.

Na de eind 16e-eeuwse vernietigingen werd de kerk in de eerste helft van de 17e eeuw heropgebouwd en vanaf 1630 ook voorzien van nieuw meubilair. De kerk werd uitgebreid in westelijke richting, voorzien van een zijbeuk aan de noordzijde en het transept werd in zuidelijke richting herbouwd; de vensters waren rechthoekig en zouden later voorzien worden van spitsboogvensters met brandramen.

De heropbouw en herstelling van de kerk in het begin van de 17e eeuw zou gefinancierd zijn geweest door het hospitaal van Sint-Eloois-Vijve.

Met de heropbouw van de kerk werd in het begin van de 17e eeuw ook het kerkhof heraangelegd met een ommuring en een portaal.

Na de invallen van Franse troepen in 1644 werd de kerk in de jaren 1645-1646 gebruikt als opslagplaats voor hooi en voedsel. In 1667-1668 werden herstellingswerken uitgevoerd.

In 1685 werd de kerk verder hersteld en een sacristie gebouwd.

In 1710 werd de kerk opnieuw ernstig beschadigd door de aanval van de Fransen (buskruitontploffing). In 1764 was de kerk een tweebeukige kerk met vieringtoren en transept.

Tussen 1808 en 1839 werd de kerk ondergeschikt aan de kerk van Sint-Baafs-Vijve (Wielsbeke) en degradeerde de pastoor van Sint-Eloois-Vijve tot kapelaan.

In 1813 tekende Séraphin Vermote deze kerk.

Circa 1834 waren de kerk en het kerkhof eigendom van de gemeente Sint-Eloois-Vijve.

In 1845 vonden er herstellingswerken plaats aan de toren van de kerk.

De komst van de vlasnijverheid naar het einde van de 19e eeuw toe, bracht ook voor Sint-Eloois-Vijve werkgelegenheid en welvaart, hetgeen zich weerspiegelde in een gestadige bevolkingsaangroei.

Tussen 1898 en 1902 werd een zuidelijke zijbeuk opgetrokken naar het model van de bestaande noordelijke zijbeuk. De bestaande rechthoekige vensters werden in diezelfde bouwfase gewijzigd tot neogotische spitsboogvensters; de westgevel werd met Doornikse steen hersteld, het dak werd met Engelse schaliën herdekt en het portaal en doksaal kregen hun huidige vorm.

Op een begin 20e-eeuwse ansichtkaart is te zien dat de omheiningsmuur rondom de kerk en het kerkhof voltooid werd met een smeedijzeren hekwerk (ter vervanging van de kerkhofmuur).

De kerk liep tijdens de Eerste Wereldoorlog en in 1940 schade op, maar werd telkens gerestaureerd.

Toen na de Tweede Wereldoorlog de vlasnijverheid aan het tanen ging, was ook hier genoeg ondernemingszin om op nieuwe industriële activiteiten over te schakelen en werd ook Sint-Eloois-Vijve deelgenoot in de groeiende industriële ontwikkeling van de streek rond Waregem.

In 1959-1960 werd de kerk grondig gerestaureerd.

Met het overbrengen van het kerkhof in 1966 van het kerkplein naar de Emiel Clausstraat verdween de omheiningsmuur rondom de kerk.

In de jaren 1980 gebeurden er opnieuw restauratiewerken aan de kerk.

(Bronvermelding: Onroerenderfgoed.be)