Kortrijk
 
Gravenkapel (1813)





Op deze tekening van Séraphin Vermote van 1813 is de Gravenkapel te zien in Kortrijk (provincie West-Vlaanderen).

De Gravenkapel is een aanbouw aan de veel oudere Onze-Lieve-Vrouwekerk in Kortrijk.

De kapel, vermoedelijk rond 1370 gebouwd ter ere van de heilige Catharina van Alexandrië, was bedoeld als mausoleum voor graaf Lodewijk van Male. De bouwstijl van de kapel is Brabantse gotiek.
Lodewijk van Male verkoos deze kapel om er begraven te worden. Daarom stichtte hij op 30 mei 1374 in de kapel drie kapelnijen, waarvoor hij reeds op 16 oktober 1371 van paus Gregorius XI toelating bekomen had. Klaarblijkelijk veranderde hij kort voor zijn dood van gedacht en opteerde hij voor een praalgraf in de Sint-Pieterskerk in Rijsel.

Na de zege te Westrozebeke (1382) plunderden Bretoense huurlingen uit het Franse leger Kortrijk en staken daarna de stad in brand, waarbij ook de Gravenkapel niet gespaard bleef. De brand uit 1382 heeft waarschijnlijk de kappen en de daken niet vernield.

In 1410 werd de Gravenkapel grondig hersteld.

In 1858 werden portretten van de Vlaamse graven in de nissen in de muren van de Gravenkapel ontdekt. Hoewel deze portretten in de 19e eeuw werden gereconstrueerd, zijn ze deels nog middeleeuws. In 1868 gebeurde er een grondige restauratie van de Gravenkapel.

De portretten van de graven werden door verschillende personen geschilderd.  Er wordt aangenomen dat de hofschilder van bouwheer Lodewijk van Male, in 1372-1374 de eerste reeks portretten heeft vervaardigd, beginnende met enkele woudgraven en tot aan zijn opdrachtgever Lodewijk van Male. De daaropvolgende portretten tot en met keizer Karel V zijn het werk van heel wat andere schilders. De gravenportretten zijn in de 19e eeuw volledig herschilderd onder leiding van Julien Van der Plaetsen, weliswaar gedeeltelijk rekening houdend met bewaarde elementen.

De Gravenkapel bevat ook een marmeren beeld van de heilige Catharina. Het beeld werd in 1386 aan het kapittel overgemaakt en is nog altijd een van de pronkstukken van het interieur van de Gravenkapel.

Tijdens de Beeldenstorm in 1566 werd het 's nachts samen met andere kunstwerken in de grond verborgen en er later weer uitgehaald. De onderwerpen van de brandglasramen accentueren het grafelijk karakter van de kapel. In het koor zien wij St.-Andreas (patroon van de Bourgondiërs), de Heilige Catharina (patroon van graaf Lodewijk van Male, stichter van de kapel) en St.-Petrus (patroon van Vlaanderen). Op de Zuidwand zien we het Vlaamse woud met de reus Finnaert, graaf Filips van den Elzas (die de Kortrijkse stadsrechten bevestigde en de stad de relikwie van het Heilig Haar bezorgde), graaf Boudewijn IX (stichter van de O.-L.-Vrouwekerk) en graaf Lodewijk van Male (stichter van de Gravenkapel) te paard.

In 2022 werden de laatste missen opgedragen in de Gravenkapel.

(Bronvermelding: Wikipedia)