Kortrijk
Broeltorens (1813)
MENU
Terug naar HOMEPAGINA
Terug naar INHOUDSOPGAVE
Séraphin Vermote tekende de Broeltorens in de stad Kortrijk (West-Vlaanderen) twee keer.
De Broeltorens zijn twee torens die zich langs de huidige Broelkaai en Verzetskaai bevinden.
Op de eerste tekening zijn de torens te zien vanaf de huidige Broelkaai.
Op de tweede tekening van Séraphin Vermote zijn de Broeltorens te zien vanuit het noorden, dit vanaf de toenmalige Kleine Leie, nu de Dam.
Op de achtergrond is de spits te zien van de Sint-Maartenskerk. Op de voorgrond is de Kleine Leie te zien die achter de Broeltorens uitkomt aan de verbinding van de Broelkaai en de Damkaai.
Vanaf 1912 tot 1917 werd een nieuwe arm van de Leie vanaf de Budabrug tot in de nabijheid van de Groeningebrug gegraven. Vanaf 1913 begon men de oude Kleine Leie te dempen en ontstond dus de straat gekend als de Dam.
Vanaf 1353 werden rondom de stad Kortrijk middeleeuwse versterkingen uitgebouwd.
De oudste van het duo Broeltorens, de zuidelijke toren, ook soms “'Blauwe Toren” genoemd, werd waarschijnlijk samen met de Broelbrug gebouwd in 1385, enerzijds om het verkeer op de Leie te controleren, anderzijds als een onderdeel van de stadsversterkingen.
De naam broel verwijst naar bruul, een afgebakend stuk land, meestal moerassig of braakliggend. In de middeleeuwen grensden de torens aan de velden “de Broel” en “de Groote Broel”.
De Broeltorens zijn een overblijfsel van de middeleeuwse stadsomwalling. Ze beschermden de Broelbrug. Ze zijn opgetrokken uit kalk- en zandsteen.
Ter hoogte van de bovenverdieping hebben de torens een omtrekverbreding met spitsboogjes. In de muren zitten eveneens drie kruisen. Op de daken staan dakkapellen.
Op een mote aan de noordkant van de Broeltorens werd in 1401-1402 de Broelmolen opgericht.
De tweede, noordelijke, toren van de Broeltorens, ook soms “Ingelburgtoren” (“Inghelburghtorre”) genoemd, werd tussen 1411 en 1413 gebouwd. Deze toren diende als een wapenopslagplaats, en was voorzien voor het gebruik van artillerie. Vandaar dat hij ook bekend stond als “Armorietorre”.
In 1445 werd de zuidelijke Broeltoren gesloopt en heropgebouwd.
Tijdens de 16de eeuw werd de noordelijke Broeltoren verhuurd aan derden, maar in 1609 mocht de armendis de toren gebruiken voor het opslaan van hout.
In 1623 werd de noordelijke Broeltoren door de armendis gebruikt voor het bewaren van vlees en graan (1623).
In 1642 werd de noordelijke Broeltoren omgevormd tot een gevangenis voor Franse soldaten.
In 1648 werd de noordelijke Broeltoren gebruikt als graanmagazijn.
De zuidelijke Broeltoren werd in de 16e en 17e eeuw verhuurd. Hij werd onder meer gebruikt als houtmagazijn, voor de huisvesting van soldaten (1642), maar fungeerde vanaf 1648 vooral als een wachttoren.
De middeleeuwse vestingen van Kortrijk werden op bevel van Vauban grotendeels afgebroken in 1683, een periode waarin de Franse en de Spaanse legers elkaar herhaaldelijk bevochten om de macht over de regio. De overblijvende delen van de vestingen werden grotendeels afgebroken of verwoest in de 18e eeuw en gedurende de beide Wereldoorlogen. Alleen de poorten en de Broeltorens bleven gespaard.
In 1714-1715 werden de Broeltorens in opdracht van het stadsbestuur hersteld om een sloop te vermijden.
Tegen de Ingelburgtoren, één van de twee Broeltorens, werd in de 18e eeuw een rij lage huisjes gebouwd die de oostzijde vormden van de Burgemeester Tayaertstraat.
De Broelmolen werd in de tweede helft van de 18e eeuw gesloopt.
Vanaf 1834 hadden de pijnders van Kortrijk een lokaal in de noordelijke Broeltoren. Een pijnder was een sjouwer of arbeider die zware lasten droeg, vaak bij het laden en lossen van schepen.
De Broelbrug werd in 1872 gerestaureerd.
In 1873 waren er grote herstellingswerken met voornamelijk zware verbouwingen aan de zuidelijke toren. De toren werd onder meer voorzien van een neogotische verdieping en een nieuwe spits.
De Broelbrug werd tijdens de twee Wereldoorlogen in oktober 1918 en mei 1940 (tijdens de Leieslag) vernield, maar later telkens heropgebouwd.
Eind 2010 gebeurde er een inwendige renovatie van de Broeltorens.
Vandaag zijn de Broeltorens, samen met de iets verder gelegen Artillerietoren, de enige overblijfselen van de oudste stadsvestingen.
(Bronvermelding: Onroerenderfgoed.be)