Helkijn
 
Het Hoge Hof (1813)






De tekening van Séraphin Vermote toont ons de restanten (ruïne) van een indrukwekkend kasteel, namelijk het Hoge Hof.

Het Hoge Hof is het voormalige bisschoppelijk kasteel van de tot de West-Vlaamse gemeente Spiere-Helkijn behorende plaats Helkijn, gelegen aan de Kasteeldreef.

De burcht kende in haar geschiedenis 2 grote fasen: een burchtfase (12e eeuw tot 16e eeuw) en een zogenaamde paleisfase (17e eeuw tot einde 18e eeuw). Gedurende zijn geschiedenis werd het kasteel herhaaldelijk verbouwd, vernield of afgebroken en heropgebouwd.

Het betrof het kasteel van de bisschoppen van Doornik, dat ergens tussen 1156 en 1200 moet zijn gebouwd. Het was een belangrijke burcht op een ovale plattegrond. De bisschop was gewoonlijk Fransgezind en het graafschap Vlaanderen had heel wat met deze burcht te stellen.

Ook hieven de bisschoppen tol op de scheepvaart over de Schelde. Zo speelde de burcht een belangrijke rol in de oorlogen tussen Frankrijk en Vlaanderen, waarbij de relatie tussen Vlaanderen en Engeland in het geding was.

In 1325 bijvoorbeeld, werd het tolhuis aan de Schelde door opstandelingen vanuit Brugge verwoest.
Tijdens de Honderdjarige Oorlog (1337-1354) koos Jacob van Artevelde de Engelse zijde en de Gentse troepen bezetten de burcht tot 1347.

Ook tijdens de Gentse Opstand (1379-1385) bezetten de Gentenaren de burcht, maar in 1382 gaven ze zich over en staken ze de burcht in brand.

Ook in 1421 werd de burcht door opstandige Gentenaren bezet. 200 van hen werden door de Fransen gedood en de vluchtelingen, die zich in de kerk van Spiere hadden verschanst, kwamen om toen de kerk in brand werd gestoken.

Tijdens de Bourgondische Successieoorlog (1477-1492) was de burcht opnieuw van strategisch belang, toen de Fransen vanuit Doornik het zuiden van Vlaanderen binnenvielen.

Toen in 1521 het Doornikse werd ingelijfd door de troepen van Karel V, was de militaire betekenis van de burcht sterk verminderd. Het bouwwerk werd verwaarloosd en in 1618 woedde er een brand waardoor het kasteel werd verwoest en vervolgens gesloopt.

Na een periode van verval werd het Hoge Hof in 1628 nieuw leven ingeblazen. Het Hoge Hof werd ingericht naar de heersende normen van die tijd. Het comfort en de luxe waren dermate dat er sprake was van een paleis dat de concurrentie met de groten van zijn tijd kon aangaan en dat geïnspireerd was op de 17de-eeuwse hofarchitectuur.

Zo werden er een nieuwe vleugel en paardenstallen gebouwd, werden er een grote landschapstuin en groentetuinen aangelegd en werd er geïnvesteerd in luxueuze interieurs die het decor vormden voor recepties en feesten. De restanten van de middeleeuwse burcht werden, voor zover ze niet vernield waren, geïntegreerd in het nieuwe paleis. Zo bleef de donjon naar verluidt gespaard en werd deze ingericht als verblijf van de bisschop zelf.

Tegelijkertijd blijkt uit de schriftelijke bronnen dat dit paleis een indrukwekkende en efficiënte versterking was, die een militair-strategisch steunpunt kon vormen in de grensconflicten tussen Frankrijk en de Nederlanden.

De nog overeind gebleven delen van de middeleeuwse burcht werden in dit paleis opgenomen, waaronder de donjon die als verblijf voor de bisschop werd ingericht.

Einde 17e eeuw was er weer oorlog tussen Spanje en Frankrijk. In 1744 werd het kasteel opnieuw bezet, nu door de troepen van Lodewijk XV. Uiteindelijk werd het bisschoppelijk kasteel onteigend en in 1794 openbaar verkocht. Daarna werd het geleidelijk gesloopt. Tot 1900 was de omgrachte structuur nog zichtbaar, daarna enkel de ovale vorm.

De kasteelsite kan door de doodlopende Kasteeldreef worden benaderd. Deze is in gebruik als weiland, maar hoogteverschillen tot 2 meter tonen de voormalige omvang van het kasteel aan. Het ovale grondplan meet ongeveer 100 bij 160 meter en werd omringd door een soms 30 meter brede gracht en een 10 meter hoge ringmuur. De zich hierbinnen bevindende donjon was 27 meter hoog en had een omvang van 20 bij 20 meter.

De ruïne op de tekening van Séraphin is waarschijnlijk een restant van deze donjon.

(Bronvermelding: Onroerenderfgoed.be; Wikipedia)