Kortrijk
 
Broeltorens





Kortrijk : Broeltorens


Ansichtkaart van 
1910  versus  Foto (Google Maps) van 2022





Op de oude ansichtkaart van 1910 zijn de Broeltorens te zien. Dit zijn twee torens in de stad Kortrijk (West-Vlaanderen) die nog bestaan en zich situeren langs de Broelkaai en de Verzetskaai.

Vanaf 1353 werden rondom de stad Kortrijk middeleeuwse versterkingen uitgebouwd.

De oudste van het duo Broeltorens, de zuidelijke toren, ook soms “'Blauwe Toren” genoemd, werd waarschijnlijk samen met de Broelbrug gebouwd in 1385, enerzijds om het verkeer op de Leie te controleren, anderzijds als een onderdeel van de stadsversterkingen.

De naam broel verwijst naar bruul, een afgebakend stuk land, meestal moerassig of braakliggend. In de middeleeuwen grensden de torens aan de velden “de Broel” en “de Groote Broel”.

De Broeltorens zijn een overblijfsel van de middeleeuwse stadsomwalling. Ze beschermden de Broelbrug. Ze zijn opgetrokken uit kalk- en zandsteen.

Ter hoogte van de bovenverdieping hebben de torens een omtrekverbreding met spitsboogjes. In de muren zitten eveneens drie kruisen. Op de daken staan dakkapellen.

Op een mote aan de noordkant van de Broeltorens werd in 1401-1402 de Broelmolen opgericht.

De tweede, noordelijke, toren van de Broeltorens, ook soms “Ingelburgtoren” (“Inghelburghtorre”) genoemd, werd tussen 1411 en 1413 gebouwd. Deze toren diende als een wapenopslagplaats, en was voorzien voor het gebruik van artillerie. Vandaar dat hij ook bekend stond als “Armorietorre”.

In 1445 werd de zuidelijke Broeltoren gesloopt en heropgebouwd.

Tijdens de 16de eeuw werd de noordelijke Broeltoren verhuurd aan derden, maar in 1609 mocht de armendis de toren gebruiken voor het opslaan van hout.

In 1623 werd de noordelijke Broeltoren door de armendis gebruikt voor het bewaren van vlees en graan (1623).

In 1642 werd de noordelijke Broeltoren omgevormd tot een gevangenis voor Franse soldaten.

In 1648 werd de noordelijke Broeltoren gebruikt als graanmagazijn.

De zuidelijke Broeltoren werd in de 16e en 17e eeuw verhuurd. Hij werd onder meer gebruikt als houtmagazijn, voor de huisvesting van soldaten (1642), maar fungeerde vanaf 1648  vooral als een wachttoren.

De middeleeuwse vestingen van Kortrijk werden op bevel van Vauban grotendeels afgebroken in 1683, een periode waarin de Franse en de Spaanse legers elkaar herhaaldelijk bevochten om de macht over de regio. De overblijvende delen van de vestingen werden grotendeels afgebroken of verwoest in de 18e eeuw en gedurende de beide Wereldoorlogen. Alleen de poorten en de Broeltorens bleven gespaard.

In 1714-1715 werden de Broeltorens in opdracht van het stadsbestuur hersteld om een sloop te vermijden.

Tegen de Ingelburgtoren, één van de twee Broeltorens, werd in de 18e eeuw een rij lage huisjes gebouwd die de oostzijde vormden van de Burgemeester Tayaertstraat.

De Broelmolen werd in de tweede helft van de 18e eeuw gesloopt.

Vanaf 1834 hadden de pijnders van Kortrijk een lokaal in de noordelijke Broeltoren. Een pijnder was een sjouwer of arbeider die zware lasten droeg, vaak bij het laden en lossen van schepen.

De Broelbrug werd in 1872 gerestaureerd.

In 1873 waren er grote herstellingswerken met voornamelijk zware verbouwingen aan de zuidelijke toren. De toren werd onder meer voorzien van een neogotische verdieping en een nieuwe spits.

De Broelbrug werd tijdens de twee Wereldoorlogen in oktober 1918 en mei 1940 (tijdens de Leieslag) vernield, maar later telkens heropgebouwd.

Eind 2010 gebeurde er een inwendige renovatie van de Broeltorens.

Vandaag zijn de Broeltorens, samen met de iets verder gelegen Artillerietoren, de enige overblijfselen van de oudste stadsvestingen.



Het standbeeld van Johannes Nepomucenus

Op de Broelbrug staat in het midden een standbeeld standbeeld van Johannes Nepomucenus

Het oorspronkelijke standbeeld van Johannes Nepomucenus werd gemaakt door Lieven Heldenberg in 1741 en stond op de houten brug tussen de Leiestraat en de Budastraat met zijn rug naar Frankrijk. Kortrijk was toen gedurende verschillende jaren geteisterd geweest door Franse vijandelijkheden.

Johannes Nepomucenus of Johannes van Nepomuk (Nepomuk, West-Bohemen, rond 1350 – Praag, 20 maart 1393) was een priester en martelaar en is een rooms-katholieke heilige. In 1380 werd hij pastoor van de Sint-Gallusparochie in Praag. Zijn leven als een bescheiden en diepgelovig mens trok de aandacht van de kerkelijke hoogwaardigheidsbekleders en hij werd al snel aangesteld als predikant in Praag. Ten slotte werd hij in 1387 vicaris-generaal van de bisschop in Praag.

Hij preekte van dan af ook herhaaldelijk in de Domkerk en door zijn wijze en intelligente preken kwamen de mensen van heinde en verre naar hem luisteren. Zijn optreden ontsnapte niet aan de aandacht van de toenmalige koning Wenceslaus IV van Bohemen.

Johannes werd de persoonlijke biechtvader van de koningin, Sophia van Beieren. Volgens de overlevering had hij hierbij geweigerd te verklappen of de koningin al dan niet gebiecht had dat ze er een minnaar op nahield. Hij werd op last van de koning gruwelijk gefolterd en verdronken in de Moldau. Het gruwelijk verminkte lichaam van de geestelijke zou 's nachts zijn komen bovendrijven, omgeven door vijf blinkende sterren. De toegestroomde mensen herkenden hun geliefde priester en predikant.

Ze haalden hem uit het water en legden hem op de oever. 's Anderendaags stroomden duizenden mensen toe en droegen zijn lichaam onder rouwbeklag naar de domkerk. Vooral de armen van de stad konden maar geen afscheid nemen van hem die voor hen altijd geweest was als een liefhebbende vader. Johannes werd in 1729 heilig verklaard door paus Benedictus XIII.

Zijn hoog-barokke praalgraf bevindt zich in de dom van Praag. Hij is de patroon van Bohemen, van biechtvaders, priesters, schippers, molenaars, van het biechtgeheim, van het zwijgen, van de drenkelingen, van waterbedreigingen en van bruggen. Dikwijls vindt men dan ook een beeld van de heilige Johannes Nepomucenus op of naast een brug, in België onder andere in Kortrijk, Brugge, Aalst en Malmedy. Vaak heeft hij één hand op de mond (biechtgeheim), in de andere een kruis (marteldood).

In 1882 verhuisde het standbeeld van Johannes Nepomucenus naar de Broelkaai.

In 1913 werd het standbeeld van Johannes Nepomucenus op de Broelbrug geplaatst.

Waarschijnlijk werd het oorspronkelijke standbeeld van Johannes Nepomucenus volledig vernield tijdens de Eerste Wereldoorlog.

Er werd in 1922 een kopie gemaakt van het standbeeld van Johannes Nepomucenus door Koos Van der Kaaij dat terug op de Broelbrug werd geplaatst.

Naar verluidt is het standbeeld van Johannes Nepomucenus in 1940 in de Tweede Wereldoorlog in de Leie gevallen.

Het standbeeld van Johannes Nepomucenus werd terug opgevist uit de Leie en in 1947 terug op de Broelbrug geplaatst.

In 1960 werd een nieuwe versie gebeeldhouwd van het standbeeld van Johannes Nepomucenus door Georges Vandevoorde. Dit beeld werd dan op de Broelbrug geplaatst en het vorige beeld verhuisde naar de tuin van het Broelmuseum.

(Bronvermelding: Wikipedia: https://nl.wikipedia.org/wiki/Broeltorens (online) - geraadpleegd op 8 juli 2026 - CC BY-SA 4.0; Inventaris Onroerend Erfgoed 2026: Broeltorens (online), https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/59389 - geraadpleegd op 8 juli 2026 - CC BY-SA 4.0)


Bekijk deze locatie in Google Street View